Eindejaarstips 2023

24 november 2023
Artikel

Wat kun je fiscaal dit jaar nog regelen? Zijn er voor jou belangrijke aandachtspunten waarop je moet anticiperen? Tot welke wijzigingen is nog besloten na Prinsjesdag? In dit artikel delen we de 10 belangrijkste eindejaarstips, om fiscaal zo goed mogelijk aan 2024 te beginnen.

Lees verder voor meer informatie over deze onderwerpen:

  1. Extra dividend uitkeren?
  2. Excessief lenen (van de eigen bv)
  3. Optimalisatie box 3 vermogen
  4. Stijging van de belastingrente
  5. Bedrijfsopvolgingsregeling voor verhuurd vastgoed
  6. Willekeurig afschrijven in 2023
  7. Aanpassing 30%-regeling
  8. Invoering DAC7
  9. Samenloopvrijstelling overdrachtsbelasting en btw
  10. Aanvullen jubelton

1. Extra dividend uitkeren?

Vanaf 1 januari 2024 wordt inkomen in box 2 (inkomsten uit een aanmerkelijk belang) ook progressief belast (twee tarieven in plaats van één). Inkomen tot € 67.000 (€ 134.000 bij fiscaal partners) wordt tegen 24,5% belast en daarboven tegen 33%. Door de verschillende tarieven wordt timing van inkomen en met name dividend belangrijker. Voor dividenden tot € 67.000 / € 134.000 wordt jaarlijks uitkeren interessant.

Ook kan het fiscaal aantrekkelijk zijn om in 2023 nog tegen 26,9% dividend een groot bedrag aan dividend uit te keren. Dit zal met name het geval zijn als het beschikbare vermogen meer is dan via eerdere genoemde jaarlijkse uitkering uitgekeerd kan worden. Op die manier wordt er 6,1% (het verschil tussen 33% en 26,9%) belasting bespaard. Hoewel dit voordelig lijkt, is dit niet altijd de beste oplossing. Bijvoorbeeld doordat met de betaalde belasting geen rendement meer gehaald kan worden.

Als er in 2023 dividend wordt uitgekeerd, verhoogt dit normaal gesproken het box 3 vermogen voor 2024. Echter als het dividend niet direct wordt betaald, maar kortstondig schuldig wordt gebleven, is er voor box 2 al wel een dividenduitkering, maar is er in box 3 nog geen bezitting op de peildatum 1 januari 2024. Wel ontstaat er een vordering op de bv die belast is in box 1, hier is echter de daadwerkelijke rente belast en door de korte looptijd is dit zeer beperkt. Om deze rente te beperken moet de betaling wel daadwerkelijk begin 2024 plaatsvinden.

Wijziging ten opzichte van Prinsjesdag

Het hoge tarief in box 2 wordt geen 31% zoals eerder aangekondigd, maar 33%.

2. Excessief lenen (van de eigen bv)

Vanaf dit jaar geldt er een vastgesteld maximum voor het bedrag dat je mag lenen bij je eigen bv. Dit is € 700.000 (€ 500.000 vanaf 2024). Ook schulden aan kinderen en partners van kinderen kunnen meetellen. Voor de bepaling van de hoogte van de schuld tellen kwalificerende eigenwoningschulden niet mee. De schulden boven dit maximum worden als een (fictieve) dividenduitkering belast tegen 26,9%. De eerste peildatum van deze nieuwe regel is 31 december 2023.

Ondanks dat dit een soort strafheffing is, kan het fiscaal toch voordeliger zijn om de schuld in stand te houden in plaats van af te lossen. Bijvoorbeeld doordat het tarief in 2023 lager is dan in de toekomst of doordat de aftrek in box 3 op de lange termijn de heffing goedmaakt. Welke keuze de beste keuze is, is afhankelijk van jouw persoonlijke en financiële omstandigheden.

Wijziging ten opzichte van Prinsjesdag

Na Prinsjesdag is besloten om het maximum van € 700.000 in 2024 te verlagen naar € 500.000.

3. Optimalisatie box 3 vermogen

Er is nog altijd veel onzekerheid over de heffing over het box 3 vermogen. In 2024 zal de Hoge Raad zeer waarschijnlijk bepalen in hoeverre het huidige wettelijke stelsel, waarbij op basis van een forfaitair rendement wordt geheven, stand houdt. Hierbij wordt mogelijk de heffingsgrondslag verlaagd naar het werkelijke rendement.

In de wet staat echter dat voor 2024 nog geheven gaat worden over het forfaitaire rendement. Dit zal dus het uitgangspunt zijn en, als dit lager is dan het werkelijke rendement, ook blijven. Ondanks alle onzekerheid is het daarom verstandig om naar de samenstelling van het box 3 vermogen te kijken of dit geoptimaliseerd kan worden. Mogelijk in samenhang met de wijzigingen voor box 2 en excessief lenen.

Wijziging ten opzichte van Prinsjesdag

Het tarief in box 3 wordt geen 34% zoals eerder aangekondigd, maar 36%.

4. Stijging van de belastingrente

De systematiek van de berekening van de belastingrente wijzigt per 1 januari 2024. Deze is vanaf dat moment gekoppeld aan de ECB-basisherfinancieringsrente. Met de huidige ECB-rente betekent dat voor de vennootschapsbelasting dat de belastingrente stijgt naar 10% (ECB-rente + 5,5%) en voor de andere belastingsoorten naar 7,5% (ECB-rente + 3%).

Deze hogere rente maakt het nog belangrijker om te monitoren of de voorlopige aanslag wel juist is ingeschat. Zeker met mogelijk extra dividenduitkeringen of excessief lenen, kan de voorlopige aanslag veel te laag zijn ingeschat. Daarom is het aan te bevelen om hier goed naar te (laten) kijken.

5. Bedrijfsopvolgingsregeling voor verhuurd vastgoed

Als je eigenaar bent van een vastgoedonderneming en overweegt deze (gedeeltelijk) te schenken is het belangrijk om bewust te zijn van de aanstaande wijzigingen in de Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) en de Doorschuifregeling (DSR). Vanaf 1 januari 2024 wordt verhuurd vastgoed per definitie aangemerkt als belegging, waardoor bijna alle fiscale faciliteiten voor de overdracht van de onderneming ten aanzien van het vastgoed niet meer gelden. Dit leidt tot een aanzienlijke stijging van de heffing over de overdracht van dit vastgoed.

Een tijdige overdracht van jouw vastgoedonderneming vóór 2024 kan je in staat stellen om optimaal te profiteren van de huidige, gunstigere faciliteiten voor verhuurd vastgoed. Wil je hier nog dit jaar van profiteren, neem dan zo snel mogelijk contact op met je contactpersoon bij CROP.

Wijziging ten opzichte van Prinsjesdag

Met Prinsjesdag was voorgesteld om vanaf 1 januari 2025 de vrijstelling als gebruik gemaakt wordt van de BOR en/of DSR te verlagen van 83% naar 70%. Deze verlaging wordt iets kleiner. Het percentage van het overgedragen ondernemingsvermogen dat is vrijgesteld, wordt 75%.

6. Willekeurig afschrijven in 2023

Investeringen in een groot aantal bedrijfsmiddelen mogen in 2023 eenmalig willekeurig worden afgeschreven. Deze regeling maakt het mogelijk om tot 50% van de aanschafwaarde van nieuwe bedrijfsmiddelen direct af te schrijven. Dit resulteert in een aanzienlijke verlaging van de belaste winst voor dit jaar. Als dit tot een verlies leidt kan deze zelfs mogelijk worden verrekend met de winst van 2022, waardoor het zelfs tot een teruggave van belasting leidt.

Het is echter belangrijk om ook de langetermijneffecten van deze versnelde afschrijving mee te nemen in de beoordeling. Door nu een groter deel af te schrijven, kan er in de toekomst minder worden afgeschreven. Dit kan er toe leiden dat de extra aftrek nu tegen een lager tarief is dan de toekomstige afschrijving, waardoor de totale heffing stijgt. Aan te bevelen is om beide opties door te rekenen en dan een besluit te nemen.

Als het besluit is in 2023 meer af te schrijven, dan kan mogelijk ook de voorlopige aanslag worden verlaagd om zo eerder van dit voordeel te profiteren.

7. Aanpassing 30%-regeling

Vanaf 1 januari 2024 ondergaat de 30%-regeling, een belangrijke fiscale faciliteit voor werknemers die vanuit het buitenland in Nederland komen werken, enkele belangrijke wijzigingen.

In de eerste 20 maanden na de invoering van de wijzigingen blijft de regeling ongewijzigd, wat betekent dat 30% van het loon onbelast blijft. Daarna, in de volgende 20 maanden, wordt dit percentage verlaagd naar 20% van het loon. In de laatste 20 maanden van de regeling wordt het percentage verder verlaagd naar maximaal 10%. Bovendien wordt vanaf 2024 de toepassing van de 30%-regeling beperkt tot salarissen tot € 233.000, de zogenaamde Balkenendenorm.

Een andere belangrijke wijziging is dat werknemers die momenteel gebruikmaken van de 30%-regeling voor box 2 en box 3 niet als inwoner van Nederland belast worden. Hierdoor hoeven zij geen belasting te betalen over buitenlands inkomen in box 2 en in box 3, maar alleen over Nederlands vastgoed. Dit wordt de partiële buitenlandse belastingplicht genoemd. Deze faciliteit vervalt per 1 januari 2025.

Voor de verlaging van het percentage en het einde van de partiële buitenlandse belastingplicht geldt overgangsrecht voor werknemers die in december 2023 de 30%-regeling al toepassen. Door de 30%-regeling voor werknemers die daar recht op hebben nog toe te passen in december 2023, voorkom je dat de werknemer onder de nieuwe versoberde regeling valt. CROP kan in kaart brengen voor welke werknemers dit mogelijk is en verder adviseren over de aandachtspunten.

Wijziging ten opzichte van Prinsjesdag

Eerder was alleen de beperking van de hoogte van de 30% regeling aangekondigd, na Prinsjesdag is besloten tot de afbouw van het percentage en het einde van de partiële buitenlandse belastingplicht.

8. Invoering DAC7

DAC7, ofwel de zevende wijziging van de EU-richtlijn inzake administratieve samenwerking, brengt nieuwe rapportageverplichtingen met zich mee voor digitale platformen. Deze verandering, die vanaf 2023 van kracht is, is ontworpen om de fiscale transparantie te vergroten en belastingontduiking tegen te gaan. Als beheerder van een digitaal platform is het essentieel om systemen en processen zo in te hebben gericht dat het naleven van deze verplichting mogelijk is.

Deze nieuwe regelgeving vereist dat digitale platformen informatie verzamelen en rapporteren over de inkomsten die door gebruikers op hun platform worden gegenereerd. De eerste deadline voor het rapporteren is op 31 januari 2024, waarbij over 2023 gerapporteerd moet worden. Ook moeten de verkopers uiterlijk op die datum worden geïnformeerd over welke informatie met de Belastingdienst is gedeeld.

9. Samenloopvrijstelling overdrachtsbelasting en btw

Zoals met Prinsjesdag aangekondigd wordt de samenloopvrijstelling aangepast. Waardoor de overdracht van aandelen in bepaalde gevallen onderworpen is aan 4% overdrachtsbelasting.

Voor aandelenoverdrachten die al voor 19 september 2023 15.15 uur schriftelijk overeen zijn gekomen, geldt een uitzondering. Hiervoor is echter wel vereist dat voor 31 maart 2024 een verzoek ingediend moet worden om gebruik te maken van dit overgangsrecht. Vergeet daarom niet om tijdig dit verzoek in te dienen.

10. Aanvullen jubelton

De ‘jubelton’, de verhoogde vrijstelling voor schenkingen voor een eigen woning, was voor 2023 verlaagd naar € 28.947. Dit is in lijn met de reguliere eenmalig verhoogde schenkingsvrijstelling. Het is belangrijk om te weten dat deze regeling per 1 januari 2024 volledig zal worden afgeschaft, wat betekent dat 2023 het laatste jaar is waarin je van deze fiscaal voordelige regeling gebruik kunt maken.

Als je in 2021 of 2022 al een schenking hebt gedaan voor de eigen woning en een deel van de vrijstelling van €106.671 nog niet hebt gebruikt, dan kun je dit alleen nog in 2023 nog aanvullen tot maximaal €106.671.

Neem contact op met je contactpersoon binnen CROP om één of meerdere van de bovenstaande tips te bespreken.

Let op: Veel regels zijn nog niet definitief. Deze moeten nog door de Eerste Kamer worden goedgekeurd. Welke dat zijn, kunnen wij je uiteraard vertellen. Ook worden nog steeds nieuwe plannen bekendgemaakt of huidige plannen aangepast. Daarom gaan wij graag met je in overleg of het verstandig is wel of geen stappen te zetten.

Andere wijzigingen na Prinsjesdag

Meer informatie?

Heb je na het lezen van deze tips nog vragen, neem dan contact op met jouw CROP adviseur. Lees hier meer over onze fiscale dienstverlening.