Verdere versobering 30%-regeling

22 januari 2024
Artikel

Werknemers die vanuit het buitenland zijn aangeworven of naar Nederland zijn uitgezonden om in Nederland te komen werken, kunnen in aanmerking komen voor de zogenaamde 30%-regeling. Het betreft een regeling voor het onbelast vergoeden van een forfaitair bedrag aan extraterritoriale kosten (ET-kosten) die deze werknemers geacht worden te maken zonder dat de daadwerkelijke kosten hoeven te worden onderbouwd. Deze regeling heeft een maximale looptijd van 5 jaar.

Verdere versobering

Recent heeft de Tweede Kamer het Belastingplan 2024 aangenomen. In het Belastingplan is een verdere versobering van de 30%-regeling opgenomen. De eerste kamer heeft inmiddels ook met de wijzigingen ingestemd. Wel heeft de Eerste Kamer een motie aangenomen waarin zij de regering verzoekt de evaluatie van de 30%-regeling naar voren te halen. En op basis van deze evaluatie met een alternatief voorstel te komen die minder schadelijk uitpakt voor de economie. In 2024 wordt gestart met die evaluatie en dit kan leiden tot nieuwe aanpassingen van de 30%-regeling. Zodra hierover meer bekend informeren wij u verder.  Vanaf 1 januari 2024 kan gedurende de eerste 20 maanden van de looptijd nog maximaal 30% van het loon onbelast worden vergoed. In de volgende 20 maanden wordt dit maximaal 20% en tijdens de laatste 20 maanden zal dit maximaal 10% zijn.

Voor een 30%-regeling met een kortere looptijd dan 60 maanden, gelden dezelfde percentages en periodes. De 30%-regeling stopt in dat geval op het moment dat de looptijd van de beschikking is verlopen.

Overgangsregeling

Er geldt een overgangsregeling voor buitenlandse werknemers die in het laatste tijdvak van 2023 een vergoeding genoten waarvoor deze werknemers in het bezit waren van een 30%-beschikking. Die werknemers behouden, dankzij de overgangsregeling, het recht om ten hoogste 30% van het belastbare loon voor ten hoogste 60 maanden onbelast vergoed te krijgen. Er wordt nog nadere toelichting verwacht ten aanzien van het overgangsrecht.

Afschaffing partiële buitenlandse belastingplicht

Een werknemer op wie de 30% regeling van toepassing is kan in de aangifte inkomstenbelasting kiezen voor partiële buitenlandse belastingplicht. In dat geval wordt de werknemer voor box 2 en box 3 gezien als buitenlands belastingplichtige. Het wetsvoorstel dat nu door de Tweede Kamer is goedgekeurd schaft ook de partiële buitenlandse belastingplicht af per 2025. Ook voor deze afschaffing geldt een overgangsregeling. Werknemers die uiterlijk op 31 december 2023 al gebruik maken van deze regeling kunnen nog tot 31 december 2026 gebruik blijven maken van deze regeling.

Aftopping 30%-regeling

In het Belastingplan 2023 was al bekend gemaakt dat met ingang van 2024 de toepassing van de 30%-regeling beperkt werd tot de WNT-norm (de Balkenende-norm). De WNT-norm bedraagt in 2024 € 233.000 en wordt jaarlijks geïndexeerd. Voor het gedeelte van het salaris dat deze norm te boven gaat, kan de 30%-regeling vanaf 1 januari 2024 niet meer worden toegepast. Ook hier geldt een overgangsregeling voor. Voor werknemers op wiens loon de 30% regeling is toegepast in december 2022 is de aftopping niet per 1 januari 2024 van toepassing maar per 1 januari 2026. Hierover lees je meer in ons artikel over de 30%-regeling van 20 september 2023.

Keuzemogelijkheid ET-kosten vergoeden

Het blijft mogelijk om de werkelijk gemaakte extraterritoriale kosten te vergoeden. Het vergoeden van de werkelijk gemaakte extraterritoriale kosten kan uitkomst bieden in gevallen waarbij de gemaakte extraterritoriale kosten hoger zijn dan de toepassing van de 30% regeling. Deze keuze wordt gemaakt voor een heel kalenderjaar.

Daarnaast blijft de mogelijkheid bestaan om naast de 30%-vergoeding ook internationale schoolgelden onbelast te blijven vergoeden aan werknemers.

Acties voor werkgevers

  • Door de 30% regeling voor werknemers die daar recht op hebben nog toe te passen in december 2023 voorkom je dat de werknemer onder de nieuwe versoberde regeling valt. CROP kan in kaart brengen voor welke werknemers dit mogelijk is en verder adviseren over de aandachtspunten.
  • Vanwege de versoberingen van de 30% regeling is het zinvol om in kaart te brengen of het vergoeden van de werkelijke extraterritoriale kosten aantrekkelijker is dan het toepassen van de 30% regeling. Indien de daadwerkelijk gemaakte ET-kosten hoger zijn dan de onbelaste vergoeding op basis van de versoberde 30%- tot 10%-regeling, kan – per kalenderjaar – ervoor gekozen worden om de vergoeding op basis van daadwerkelijk gemaakte ET-kosten te laten plaatsvinden.

Jaarlijks worden de salariseisen voor de 30% regelingen verhoogd. Voor 2024 is de salariseis vastgesteld op EUR 46.107 (regulier) en EUR 35.048 (verlaagde norm). Door deze verhoging kan ook voor werknemers die al gebruik maken van de 30% regeling – en die niet geraakt worden door de recente aanpassingen van de 30% regeling – het voordeel dat wordt genoten ter zake van de 30% regeling verder worden beperkt. CROP kan de impact hiervan in kaart brengen.