Welke uitstoot valt onder scope 1 voor een mkb-bedrijf?

9 min

Scope 1-uitstoot voor een mkb-bedrijf omvat alle broeikasgassen die rechtstreeks vrijkomen uit bronnen die het bedrijf zelf bezit of beheert. Denk aan aardgas voor verwarming, diesel in eigen vrachtwagens en koelmiddelen in klimaatinstallaties. Het gaat dus om emissies waar je als ondernemer directe controle over hebt.

Voor veel mkb-bedrijven in het hogere segment vormt scope 1 vaak het logische startpunt bij het in kaart brengen van de CO₂-voetafdruk. Juist omdat je deze bronnen zelf beheert, kun je hier het snelst inzicht krijgen en gerichte stappen zetten. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over scope 1: welke bronnen tellen mee, hoe bepaal je wat eronder valt, wat is het verschil met scope 2, en hoe begin je met meten?

Welke bronnen tellen mee als directe emissies bij een mkb-bedrijf?

Directe emissies (scope 1) zijn alle broeikasgassen die fysiek vrijkomen op locaties of uit bronnen die jouw bedrijf bezit of onder beheer heeft. Voor een gemiddeld mkb-bedrijf gaat het doorgaans om vier hoofdcategorieën: stationaire verbranding, mobiele verbranding, procesemissies en fugitieve emissies.

Stationaire en mobiele verbranding

Stationaire verbranding is voor de meeste mkb-bedrijven de grootste scope 1-bron. Hieronder valt het verbranden van brandstoffen in vaste installaties op je bedrijfslocatie, zoals aardgas in cv-ketels, gasgestookte ovens of noodstroomaggregaten op diesel. Zodra je een brandstof verbrandt in een installatie die op jouw terrein staat en die jij beheert, is de uitstoot scope 1.

Mobiele verbranding betreft brandstoffen die worden verbruikt door voertuigen en mobiele apparatuur in eigendom of lease van het bedrijf. Voorbeelden zijn bedrijfsbussen op diesel, heftrucks op lpg en bouwmachines op de bouwplaats. Het gaat hierbij om voertuigen die op de balans van jouw onderneming staan of waarover je operationele zeggenschap hebt.

Procesemissies en fugitieve emissies

Procesemissies ontstaan door chemische of fysieke processen die niet het gevolg zijn van verbranding. In een productieomgeving kan dit bijvoorbeeld CO₂ zijn die vrijkomt bij het hardingsproces van beton of bij lassen. Voor veel dienstverlenende mkb-bedrijven speelt deze categorie een beperkte rol, maar in de maakindustrie kan het een aanzienlijk aandeel vormen.

Fugitieve emissies zijn onbedoelde lekverliezen van broeikasgassen. Het bekendste voorbeeld is het weglekken van koelmiddelen (zoals HFK’s) uit airconditioning- en koelinstallaties. Hoewel de hoeveelheden klein lijken, hebben veel koelmiddelen een zeer hoog broeikaseffect. Eén kilogram van bepaalde koelmiddelen kan het equivalent zijn van duizenden kilogrammen CO₂.

Hoe bepaal je welke voertuigen en installaties onder scope 1 vallen?

Of een voertuig of installatie onder scope 1 valt, hangt af van de consolidatiemethode die je kiest: operationele zeggenschap of financiële zeggenschap. Bij operationele zeggenschap tel je alles mee waarover jouw bedrijf de dagelijkse controle heeft. Bij financiële zeggenschap kijk je naar eigendom of financieel belang.

Voor de meeste mkb-bedrijven is de operationele benadering het meest praktisch. Stel jezelf bij elk voertuig of elke installatie de volgende vragen:

  • Staat het voertuig of de installatie op naam van het bedrijf, of heeft het bedrijf een leasecontract met operationele zeggenschap?
  • Bepaalt jouw organisatie hoe en wanneer het voertuig of de installatie wordt ingezet?
  • Draagt jouw bedrijf de verantwoordelijkheid voor onderhoud en brandstofkosten?

Beantwoord je deze vragen met ja, dan valt de uitstoot doorgaans onder jouw scope 1. Een leaseauto waarvan jouw bedrijf de brandstofkosten draagt en het gebruik bepaalt, is scope 1. Een huurauto voor een eenmalige zakenreis kan daarentegen onder scope 3 vallen, afhankelijk van de afspraken.

Een veelvoorkomende valkuil is het vergeten van minder voor de hand liggende bronnen. Denk aan een noodstroomaggregaat dat slechts een paar uur per jaar draait, een gasgestookte terrasverwarmer bij het bedrijfspand of een koelcel in het magazijn. Ook deze bronnen tellen mee, ongeacht hoe weinig ze worden gebruikt.

Wat is het verschil tussen scope 1 en scope 2 voor een mkb-bedrijf?

Het kernverschil is de locatie waar de uitstoot fysiek plaatsvindt. Scope 1 betreft emissies die direct vrijkomen bij jouw bedrijf, uit bronnen die je zelf bezit of beheert. Scope 2 betreft indirecte emissies die ontstaan bij de opwekking van energie die jouw bedrijf inkoopt, zoals elektriciteit, stoom of warmte uit een warmtenet.

Een concreet voorbeeld maakt het verschil helder: als je kantoor wordt verwarmd met een eigen gasketel, is de uitstoot scope 1. Wordt datzelfde kantoor verwarmd via stadsverwarming of een elektrische warmtepomp, dan valt de uitstoot bij de energiecentrale onder jouw scope 2. Het energieverbruik vindt plaats bij jou, maar de emissie ontstaat elders.

Voor mkb-bedrijven is dit onderscheid relevant omdat het bepaalt waar je de meeste invloed hebt op reductie. Bij scope 1 kun je direct ingrijpen: een zuinigere ketel plaatsen, overstappen op elektrische bedrijfswagens of koelinstallaties beter onderhouden. Bij scope 2 ligt de hefboom vooral in de keuze van energieleverancier en het type energiecontract.

Overigens vragen steeds meer klanten en financiers om inzicht in beide scopes. Wanneer een bank bij herfinanciering om duurzaamheidsdata vraagt, gaat het doorgaans om ten minste scope 1 en scope 2 samen. Door beide scopes in kaart te brengen, creëer je een compleet beeld van je directe en energiegerelateerde uitstoot.

Hoe begin je met het meten van scope 1-uitstoot zonder complexe systemen?

Begin met het verzamelen van verbruiksdata die je waarschijnlijk al hebt: energierekeningen voor aardgas, tankpasoverzichten voor brandstof en onderhoudsrapporten van koelinstallaties. Met deze basisgegevens en openbaar beschikbare emissiefactoren kun je een betrouwbare eerste berekening maken zonder dure software.

Een praktische aanpak in vier stappen:

  1. Maak een bronnenlijst: Loop je bedrijfslocatie(s) na en noteer alle installaties en voertuigen die fossiele brandstoffen verbruiken of koelmiddelen bevatten. Vergeet ook de minder zichtbare bronnen niet, zoals noodaggregaten of gasgestookte boilers.
  2. Verzamel verbruiksdata: Haal de jaarafrekeningen van je gasleverancier op, vraag tankpasoverzichten aan bij je leasemaatschappij en check onderhoudslogboeken van koelinstallaties op bijvullingen van koelmiddel.
  3. Reken om naar CO₂-equivalenten: Gebruik de emissiefactoren die jaarlijks worden gepubliceerd door organisaties zoals het RIVM of de CO₂-emissiefactorenlijst. Vermenigvuldig je verbruik (in kubieke meters gas, liters diesel, kilogrammen koelmiddel) met de bijbehorende factor.
  4. Documenteer je aanpak: Leg vast welke bronnen je hebt meegenomen, welke data je hebt gebruikt en welke emissiefactoren je hebt toegepast. Dit maakt je meting herhaalbaar en controleerbaar.

Het belangrijkste is dat je begint, ook als de data niet perfect is. Een eerste nulmeting op basis van beschikbare gegevens geeft al waardevolle inzichten. Je ziet waar de grootste emissiebronnen zitten en waar reductie het meeste oplevert. Die nulmeting kun je vervolgens jaar na jaar verfijnen en aanscherpen.

Hoe CROP accountants & adviseurs helpt met scope 1 en CO₂-rapportage

Het meten en rapporteren van scope 1-uitstoot raakt direct aan de cijfermatige kant van je onderneming. Precies het terrein waarop wij als CROP dagelijks opereren. Met onze brede expertise onder één dak helpen we mkb-ondernemers om van losse duurzaamheidsinitiatieven naar een gestructureerde, aantoonbare aanpak te komen.

Concreet ondersteunen wij je bij:

  • Nulmeting en data-inventarisatie: we brengen samen met jou alle scope 1-bronnen in kaart en koppelen deze aan betrouwbare verbruiksdata uit je administratie.
  • Betrouwbare CO₂-berekeningen: onze specialisten rekenen je verbruiksgegevens om naar gevalideerde emissiecijfers die je kunt delen met klanten, banken en andere stakeholders.
  • Koppeling met je financiële rapportage: we integreren duurzaamheidsdata met je bestaande managementinformatie, zodat je één overzichtelijk beeld hebt.
  • Voorbereiding op toekomstige regelgeving: of het nu gaat om CSRD-vereisten of informatieverzoeken vanuit je waardeketen, wij zorgen dat je er klaar voor bent.

Bekijk onze dienstverlening voor een compleet overzicht van onze expertise, of neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek over jouw situatie. Bij CROP vind je de kennis en de persoonlijke aanpak om met vertrouwen de volgende stap te zetten.

Veelgestelde vragen

Wat zijn de meest gemaakte fouten bij het berekenen van scope 1-uitstoot?

De drie meest voorkomende fouten zijn: het vergeten van fugitieve emissies zoals koelmiddellekken, het gebruiken van verouderde emissiefactoren en het niet consistent toepassen van de gekozen consolidatiemethode. Controleer jaarlijks of je emissiefactoren actueel zijn (bijvoorbeeld via de CO₂-emissiefactorenlijst) en loop je bronnenlijst minstens één keer per jaar na om te checken of er nieuwe installaties of voertuigen zijn bijgekomen.

Hoe vaak moet ik mijn scope 1-uitstoot meten en rapporteren?

Voor de meeste mkb-bedrijven volstaat een jaarlijkse meting, gekoppeld aan het boekjaar. Dit sluit aan bij financiële rapportagecycli en maakt vergelijking over jaren mogelijk. Als je actief aan reductie werkt, kan een halfjaarlijkse of kwartaalrapportage helpen om sneller bij te sturen. Houd er rekening mee dat toekomstige regelgeving zoals de CSRD jaarlijkse rapportage kan verplichten.

Wat als ik niet alle verbruiksdata compleet heb voor mijn eerste nulmeting?

Laat ontbrekende data je niet tegenhouden om te starten. Gebruik schattingen op basis van beschikbare informatie, bijvoorbeeld door maandgegevens te extrapoleren naar een heel jaar of door vergelijkbare installaties als referentie te nemen. Documenteer duidelijk welke data geschat is en welke exact, zodat je deze punten in volgende meetjaren kunt verfijnen. Een nulmeting met 80% nauwkeurigheid is veel waardevoller dan helemaal geen meting.

Vallen elektrische bedrijfswagens ook onder scope 1?

Nee, elektrische voertuigen produceren geen directe uitlaatemissies en vallen daarom niet onder scope 1. De uitstoot die gepaard gaat met het opladen van elektrische bedrijfswagens valt onder scope 2, omdat de emissies ontstaan bij de elektriciteitscentrale. Dit is precies waarom de overstap naar elektrisch rijden een effectieve manier is om je scope 1-uitstoot te verlagen — de emissies verschuiven naar scope 2, waar je ze vervolgens kunt reduceren door groene stroom in te kopen.

Hoe kan ik mijn scope 1-uitstoot het snelst verlagen zonder grote investeringen?

Begin met de quick wins: laat koelinstallaties preventief controleren op lekkages van koelmiddelen, optimaliseer het rijgedrag van chauffeurs via eco-driving trainingen en verlaag de thermostaat op bedrijfslocaties met één tot twee graden. Daarnaast kun je kijken naar het beter isoleren van leidingen en het uitschakelen van gasgestookte installaties buiten bedrijfstijden. Deze maatregelen kosten relatief weinig maar kunnen samen al 10 tot 15 procent reductie opleveren.

Moet ik scope 1 apart rapporteren of mag ik het samenvoegen met scope 2?

Volgens het GHG Protocol, de internationale standaard voor CO₂-rapportage, moeten scope 1 en scope 2 altijd apart worden gerapporteerd. Dit is belangrijk omdat het onderscheid laat zien waar je directe invloed hebt (scope 1) versus waar je via inkoop kunt sturen (scope 2). Ook banken, klanten en toekomstige regelgeving verwachten deze splitsing. Zorg er dus voor dat je administratie en rapportage beide scopes gescheiden inzichtelijk maken.

Welke tools of software zijn geschikt voor mkb-bedrijven die net beginnen met CO₂-meten?

Voor een eerste meting kun je prima werken met een Excel-spreadsheet waarin je verbruiksdata en emissiefactoren combineert. Gratis tools zoals de CO₂-Prestatieladder-tool of de MVO Nederland CO₂-calculator bieden een laagdrempelig startpunt. Groei je door naar structurele rapportage, dan zijn betaalbare platforms zoals Ecochain, Milgro of Plan A het overwegen waard. Bespreek met je accountant welke tool het beste aansluit bij je bestaande administratie en rapportagebehoeften.

Gerelateerde artikelen