Hoe worden de drempelwaarden berekend voor de controleplicht?

8 min

De drempelwaarden voor de controleplicht worden berekend aan de hand van drie wettelijke criteria: jaaromzet, balanstotaal en gemiddeld aantal werknemers. Een onderneming is controleplichtig wanneer zij gedurende twee opeenvolgende boekjaren aan minimaal twee van deze drie criteria voldoet. De drempels liggen bij een omzet van meer dan 15 miljoen euro, een balanstotaal van meer dan 7,5 miljoen euro en gemiddeld 50 of meer fulltime werknemers.

Voor veel groeiende ondernemingen in het hogere MKB is het niet altijd duidelijk wanneer deze grenzen precies worden overschreden en wat dat concreet betekent. Hieronder beantwoorden we de meest gestelde vragen over de berekening van drempelwaarden, de tweejaarregel, de verschillende typen opdrachten en bijzondere situaties bij groepsstructuren.

Welke drie criteria bepalen de grootteklasse van een onderneming?

De grootteklasse van een onderneming wordt bepaald door drie wettelijke criteria uit het Burgerlijk Wetboek (Boek 2, Titel 9). Een onderneming is controleplichtig wanneer zij aan minimaal twee van de volgende drie drempelwaarden voldoet: een netto jaaromzet van meer dan 15 miljoen euro, een balanstotaal van meer dan 7,5 miljoen euro, of een gemiddeld personeelsbestand van 50 of meer fulltime werknemers.

Elk criterium heeft een eigen berekeningswijze die belangrijk is om te begrijpen:

  • Netto jaaromzet: Dit betreft de opbrengst uit de normale bedrijfsactiviteiten, verminderd met kortingen, btw en andere direct aan de omzet gerelateerde belastingen. Incidentele baten, zoals de verkoop van een bedrijfspand, tellen hier niet mee.
  • Balanstotaal: Het balanstotaal is de som van alle activa op de balans aan het einde van het boekjaar. Denk aan vaste activa zoals machines en gebouwen, maar ook aan vlottende activa zoals voorraden, debiteuren en liquide middelen.
  • Gemiddeld aantal werknemers: Dit wordt berekend op basis van fulltime equivalenten (fte) over het gehele boekjaar. Twee parttime medewerkers die elk halve dagen werken, tellen samen als één fte. Uitzendkrachten en gedetacheerd personeel kunnen onder omstandigheden ook meetellen.

Op basis van deze criteria deelt de wet ondernemingen in vier grootteklassen in: micro, klein, middelgroot en groot. Alleen middelgrote en grote rechtspersonen zijn verplicht hun jaarrekening te laten controleren door een registeraccountant. De accountantscontrole is verplicht zodra de drempelwaarden voor de categorie “middelgroot” worden overschreden.

Hoe werkt de tweejaarregel bij het overschrijden van drempelwaarden?

De tweejaarregel houdt in dat een onderneming pas van grootteklasse verandert wanneer zij gedurende twee opeenvolgende boekjaren aan minimaal twee van de drie criteria voldoet (of juist niet meer voldoet). Eén jaar boven de drempelwaarden uitkomen betekent dus nog niet automatisch dat de accountantscontrole verplicht wordt.

Deze regel werkt als een buffer en voorkomt dat ondernemingen bij een incidentele piek in omzet of balanstotaal direct met een controleplicht worden geconfronteerd. Stel dat een onderneming in 2025 voor het eerst twee van de drie drempels overschrijdt en dit in 2026 opnieuw het geval is, dan geldt de controleplicht vanaf het boekjaar 2026. De jaarrekening over 2026 moet dan door een registeraccountant worden gecontroleerd.

Andersom werkt het precies zo: als een onderneming onder de drempels zakt, vervalt de controleplicht pas wanneer zij twee opeenvolgende jaren niet meer aan twee van de drie criteria voldoet. Dit biedt stabiliteit en voorkomt dat organisaties elk jaar moeten schakelen tussen wel en geen controle.

In de praktijk is het verstandig om de drie criteria jaarlijks bij te houden, zodat je tijdig kunt anticiperen op een eventuele controleplicht. Zo voorkom je verrassingen bij het opstellen van de jaarrekening en kun je op tijd de juiste voorbereidingen treffen.

Wat is het verschil tussen een samenstellings-, beoordelings- en controleopdracht?

Het belangrijkste verschil zit in de mate van zekerheid die de accountant verstrekt. Bij een samenstellingsopdracht geeft de accountant geen zekerheid over de jaarrekening, bij een beoordelingsopdracht een beperkte mate van zekerheid en bij een controleopdracht een redelijke mate van zekerheid. Elk type opdracht kent een eigen werkwijze, diepgang en resultaat.

Samenstellingsopdracht

Bij een samenstellingsopdracht stelt de accountant de jaarrekening op aan de hand van de financiële gegevens die de onderneming aanlevert. De accountant verwerkt en rangschikt deze informatie, maar voert geen inhoudelijke controle uit. Er wordt dan ook geen verklaring afgegeven over de getrouwheid van de cijfers. Deze opdracht is geschikt voor kleinere ondernemingen die niet controleplichtig zijn en geen externe partijen hebben die om een verklaring vragen.

Beoordelingsopdracht en controleopdracht

Bij een beoordelingsopdracht voert de accountant analytische werkzaamheden uit en stelt gerichte vragen om vast te stellen of de jaarrekening plausibel is. Het resultaat is een beoordelingsverklaring met beperkte zekerheid. Banken of subsidieverstrekkers vragen hier soms specifiek om.

Een controleopdracht (ook wel audit genoemd) is het meest uitgebreide type. De accountant voert diepgaande controles uit, waaronder het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, het verifiëren van posten en het inwinnen van externe bevestigingen. Het resultaat is een controleverklaring met een redelijke mate van zekerheid. Dit is het type verklaring dat wettelijk vereist is wanneer de drempelwaarden voor de accountantscontrole verplicht worden overschreden.

Het is belangrijk om te weten welk type opdracht een externe partij, zoals een bank of subsidieverstrekker, daadwerkelijk vraagt. Soms volstaat een beoordelingsverklaring waar een ondernemer denkt dat een volledige controle nodig is, of andersom. Helderheid hierover voorkomt onnodige werkzaamheden.

Wanneer geldt een vrijwillige controleplicht ondanks dat de drempels niet zijn overschreden?

Een vrijwillige controle is aan de orde wanneer externe partijen, zoals banken, subsidieverstrekkers of aandeelhouders, een accountantsverklaring eisen als voorwaarde voor financiering, samenwerking of verantwoording, ook al is de onderneming op basis van de wettelijke drempelwaarden niet controleplichtig.

Er zijn verschillende situaties waarin een controle in de praktijk toch noodzakelijk of sterk gewenst is:

  • Financieringsaanvraag: Banken vragen bij grotere financieringen regelmatig om een gecontroleerde jaarrekening, ongeacht de omvang van de onderneming.
  • Subsidieverantwoording: Subsidieverstrekkers stellen vaak specifieke eisen aan de verantwoording. Bij grotere subsidiebedragen is een controleverklaring of een verklaring met een specifiek doel vereist.
  • Nieuwe aandeelhouders of investeerders: Bij de toetreding van een nieuwe aandeelhouder of bij een fusie willen partijen zekerheid over de betrouwbaarheid van de financiële informatie.
  • Statuten of overeenkomsten: In de statuten van een rechtspersoon of in aandeelhoudersovereenkomsten kan zijn vastgelegd dat de jaarrekening jaarlijks moet worden gecontroleerd.
  • Branchespecifieke eisen: Bepaalde sectoren, zoals de zorg of het onderwijs, kennen eigen regelgeving die een controle verplicht stelt, los van de algemene drempelwaarden.

Een vrijwillige controle biedt dezelfde zekerheid als een wettelijke controle. Het verschil zit uitsluitend in de aanleiding: bij een wettelijke controle schrijft de wet de verplichting voor, bij een vrijwillige controle komt het initiatief vanuit de onderneming zelf of vanuit de eisen van een externe partij. In beide gevallen moet de controle worden uitgevoerd door een accountantsorganisatie met de juiste vergunning.

Welke uitzonderingen en bijzondere regels gelden er voor groepsstructuren?

Bij groepsstructuren gelden aanvullende regels die de controleplicht kunnen beïnvloeden, ook wanneer individuele groepsmaatschappijen op zichzelf onder de drempelwaarden blijven. De moedermaatschappij die een geconsolideerde jaarrekening opstelt, moet de geconsolideerde cijfers toetsen aan de drempelwaarden, wat vaak tot een hogere grootteklasse leidt.

Een aantal bijzondere situaties verdient aandacht:

  • Consolidatieplicht: Wanneer een moedermaatschappij een geconsolideerde jaarrekening moet opstellen, worden de omzet, het balanstotaal en het aantal werknemers van alle groepsmaatschappijen bij elkaar opgeteld. De geconsolideerde cijfers bepalen dan de grootteklasse en daarmee de eventuele controleplicht.
  • Groepsvrijstelling (403-verklaring): Een dochtermaatschappij kan onder voorwaarden worden vrijgesteld van de verplichting om een eigen jaarrekening op te stellen en te laten controleren. Hiervoor moet de moedermaatschappij een zogenoemde 403-verklaring afgeven, waarmee zij zich hoofdelijk aansprakelijk stelt voor de schulden van de dochter. De geconsolideerde jaarrekening van de moeder moet dan wel worden gecontroleerd.
  • Tussenholdings en subgroepen: Ook tussenholdings kunnen onder omstandigheden worden vrijgesteld van consolidatie en controle, mits de uiteindelijke moedermaatschappij een geconsolideerde jaarrekening opstelt die aan de wettelijke eisen voldoet.

Bij groepsstructuren is het essentieel om de juridische en financiële verhoudingen goed in kaart te brengen. Een wijziging in de structuur, bijvoorbeeld door een overname, fusie of het oprichten van een nieuwe dochtermaatschappij, kan direct gevolgen hebben voor de controleplicht van de gehele groep. Tijdig inzicht in deze gevolgen helpt om de juiste stappen te zetten.

Hoe CROP accountants en adviseurs helpt bij drempelwaarden en controleplicht

Het bepalen of de accountantscontrole verplicht is op basis van de drempelwaarden vraagt om zorgvuldige analyse en actuele kennis van wet- en regelgeving. Wij combineren de persoonlijke aanpak van een middelgroot kantoor met de diepgaande expertise van een grote organisatie en helpen je graag om helderheid te krijgen over jouw situatie.

Wat we concreet voor je kunnen betekenen:

  • Toetsing van de drempelwaarden: We brengen in kaart of jouw onderneming de wettelijke grenzen overschrijdt en of de tweejaarregel van toepassing is.
  • Advies over het juiste type opdracht: Of het nu gaat om een samenstellings-, beoordelings- of controleopdracht, we adviseren welk type past bij jouw situatie en de eisen van externe partijen.
  • Begeleiding bij groepsstructuren: Bij complexe juridische structuren analyseren we de gevolgen voor de controleplicht en denken we mee over de meest praktische aanpak.
  • Breed scala aan expertise: Met onze accountancy- en adviesdiensten kijken we altijd naar het grotere plaatje, zodat je niet alleen voldoet aan de regels maar ook vooruitkijkt.

Als registeraccountants met een WTA-vergunning van de AFM voeren we wettelijke controles uit voor het hogere MKB en non-profitorganisaties in heel Nederland. Wil je weten of jouw onderneming controleplichtig is of heb je vragen over de drempelwaarden? Neem contact met ons op en we helpen je graag verder.

Gerelateerde artikelen