8 eindejaarstips over btw & overdrachtsbelasting

30 november 2022
Nieuws

Heb je in 2022 personeelsverstrekkingen gedaan of gebruiken jouw werknemers hun auto van de zaak voor woon-werkverkeer? Of heb je al een jaar lang een vordering die niet volledig betaald is? In de laatste btw-aangifte van het jaar wordt meestal een aantal correcties aangebracht, waaronder de zogenoemde BUA-correcties, de correctie voor het privégebruik van de auto van de zaak en wijzigingen in de pro rata-aftrek. Wij delen onze eindejaarstips en jaarlijkse aandachtspunten rondom btw- en overdrachtsbelasting met jou.

1. Personeelsuitgaven en relatiegeschenken

Als ondernemer koop je met enige regelmaat goederen en diensten in als blijk van waardering voor de medewerkers en je vaste zakenrelaties. Een deel van deze uitgaven levert een persoonlijk voordeel op voor je werknemers en zakenrelaties. Denk bijvoorbeeld aan het kerstpakket voor je werknemers of die goede fles wijn voor een klant die al jaren klant is. Dit betekent dat je als ondernemer alert moet zijn op correcties in de btw. Waar je gedurende het jaar btw op uitgaven in aftrek brengt, moet je bij de laatste btw-aangifte van het jaar controleren of een btw-correctie voor privégebruik moet worden aangegeven.

Voor de berekening van het privégebruik verwijzen wij je graag naar onze brochure over het BUA (Besluit Uitsluiting Aftrek omzetbelasting). Wees in ieder geval alert op de drempel van € 227 exclusief btw per persoon per jaar. Wanneer de waarde van de relatiegeschenken en giften onder deze drempel blijft per begunstigde, is geen BUA-correctie nodig. Houd daarom een administratie bij van relatiegeschenken en giften per persoon.

2. Correctie privégebruik auto 2022

Als je als ondernemer een auto van de zaak ter beschikking stelt aan werknemers die de auto (ook) voor privédoeleinden gebruiken (inclusief woon-werkverkeer), heb je in beginsel volledig recht op aftrek van btw op de autokosten. Aan het einde van het boekjaar dient vervolgens een btw-correctie voor het privégebruik te worden aangegeven. In principe sluit je daarvoor aan bij het werkelijke privégebruik van de auto door de werknemer. Indien je het werkelijke privégebruik niet kunt berekenen (bijvoorbeeld door het niet bijhouden van een kilometerregistratie) bereken je de correctie op basis van 2,7% van de catalogusprijs van de auto inclusief btw en bpm. In onze brochure over de auto van de zaak lees je hier meer over. De correctie moet worden aangegeven in de laatste btw-aangifte van 2022.

3.  Teruggaaf btw wegens oninbaarheid van vordering

In deze – zeker voor sommige sectoren nog steeds zware – tijden kan het voorkomen dat afnemers de aan hen uitgereikte facturen niet (geheel) voldoen. Ondernemers die de in rekening gebrachte btw al wel op aangifte hebben voldaan, kunnen de te veel afgedragen btw terugvragen. In principe zal met bewijsstukken, zoals correspondentie van een curator of incassobureau en correspondentie met de afnemer waaruit blijkt dat hij niet zal betalen, moeten worden aangetoond dat het factuurbedrag niet meer (geheel) zal worden ontvangen. Het recht op teruggaaf ontstaat uiterlijk één jaar na het opeisbaar worden van de vergoeding. Het is van belang dat je het verzoek om teruggaaf doet in het tijdvak waarin de (deels) onbetaalde vergoeding één jaar opeisbaar is of eerder als voor het verstrijken van de genoemde termijn van een jaar duidelijk is geworden dat het factuurbedrag niet meer (geheel) zal worden ontvangen. Hoewel dit niet zozeer verband houdt met het einde van 2022, kan dit moment wel worden aangegrepen om te analyseren of je wellicht oninbare vorderingen in de boeken hebt staan.

4. Pro rata aftrek van btw

Ondernemers die btw-belaste en btw-vrijgestelde activiteiten verrichten, kunnen de voorbelasting op algemene kosten slechts gedeeltelijk in aftrek brengen. Voor de btw verstaan we onder algemene kosten de kosten die niet direct verband houden met – of toe te rekenen zijn aan – enkel een specifieke btw-belaste of vrijgestelde ondernemersactiviteit, maar die zien op de gehele onderneming (zowel belaste als vrijgestelde activiteiten). De aftrek is dan meestal afhankelijk van de verhouding (de pro rata) tussen de btw-belaste en btw-vrijgestelde omzet. Bij vastgoed wordt de verhouding doorgaans bepaald aan de hand van het aantal vierkante meter btw-belast en btw-vrijgesteld gebruik.

Nu het einde van 2022 nadert, worden de omzetbedragen voor het gehele jaar inzichtelijk en kan de pro rata voor 2022 worden vastgesteld. Het is van belang dat de pro rata berekening zorgvuldig wordt uitgevoerd en vastgelegd. Dit kan ertoe leiden dat een deel van de eerder in aftrek gebrachte btw moet worden terugbetaald of dat een aanvullend recht op aftrek bestaat.

5. Wijziging gebruik van investeringsgoederen / herziening van btw

Bij de aanschaf van goederen en diensten wordt de btw in aftrek gebracht op basis van het voorgenomen gebruik in het jaar van ingebruikneming. Bij btw-belaste prestaties kan de voorbelasting volledig in aftrek worden gebracht en bij btw-vrijgestelde activiteiten geldt in principe geen recht op aftrek van btw op de aanschafkosten. Na het jaar van ingebruikneming is de btw-aftrek definitief, behalve voor investeringsgoederen. Dit zijn enerzijds roerende zaken waarop de ondernemer voor de IB of Vpb afschrijft of zou kunnen afschrijven als hij aan een dergelijke belasting is onderworpen en anderzijds onroerende zaken.

Deze investeringsgoederen worden na het boekjaar van ingebruikneming nog enkele jaren gevolgd voor de btw en bij wijziging van het gebruik (bijvoorbeeld van btw-belaste naar btw-vrijgestelde activiteiten) dient de in aftrek gebrachte btw op de aanschafkosten te worden herzien. Voor onroerende zaken geldt een herzieningstermijn van negen boekjaren na het boekjaar van ingebruikneming en voor roerende zaken vier boekjaren na het boekjaar van ingebruikneming.

Indien het gebruik van dergelijke investeringsgoederen in 2022 is gewijzigd, dient de btw op de aanschafkosten mogelijk te worden herzien in de laatste btw-aangifte van 2022. Deze eventuele herziening kan tot een aanvullende teruggaaf of verschuldigdheid van btw leiden. In ons whitepaper Aftrek van voorbelasting leggen wij uit hoe je deze herziening berekent.

6. Btw-belaste verhuur vastgoed / 90%-norm

In beginsel is de verhuur van onroerende zaken vrijgesteld van btw. Ondernemers hebben echter de mogelijkheid om te opteren voor btw-belaste verhuur, indien de huurder de onroerende zaak gaat gebruiken voor doeleinden waarvoor hij meer dan 90% aftrekgerechtigd is. In het geval dat op enig moment niet meer aan het 90%-criterium wordt voldaan, dient de huurder binnen vier weken na afloop van het boekjaar een ondertekende verklaring uit te reiken aan de verhuurder waarin staat dat hij niet meer voldoet aan deze 90%-norm. De huurder dient een kopie van deze verklaring tevens binnen vier weken aan zijn belastinginspecteur te sturen. De verplichtingen met betrekking tot deze verklaring gelden echter niet – en de optie belaste verhuur loopt dus door – indien de huurder redelijkerwijs niet kon voorzien dat hij niet meer aan de 90%-norm zou voldoen. Als hij echter in het volgende boekjaar wederom niet aan het 90%-criterium voldoet, vervalt de optie wel (ongeacht de reden). Een huurder dient derhalve aan het eind van elk boekjaar na te gaan of hij nog aan dit criterium voldoet.

7. Te weinig btw voldaan in 2022

Richting het einde van het jaar is het verstandig om een rondrekening te maken om te beoordelen of de financiële administratie (verlies- en winstrekening, balansposten etc.) aansluit bij de btw-aangiften over 2022. Bij gebleken onjuistheden of onvolledigheden in de ingediende btw-aangiften zijn ondernemers verplicht een suppletieaangifte in te dienen. Wanneer je als ondernemer niet voldoet aan deze actieve informatieplicht kan de inspecteur een boete opleggen, naast de boete wegens het niet (tijdig) betalen van de btw als gevolg van een onjuiste aangifte. Wij adviseren – als je in 2022 te weinig btw hebt voldaan – om deze btw alsnog vóór 1 april 2023 aan te geven middels een suppletieaangifte (dus niet in de laatste aangifte van 2022). Na deze datum is namelijk belastingrente verschuldigd. Als het saldo van de suppletieaangifte echter minder dan € 1.000 terug te vragen btw of € 1.000 te betalen btw bedraagt, hoeft geen afzonderlijke suppletieaangifte te worden ingediend. In dat geval dien je het saldo wel op te nemen in de eerste btw-aangifte volgend op het moment van constatering van de onjuistheid.

8. Nieuw tarief in de overdrachtsbelasting

Met ingang van 1 januari 2023 wordt het tarief voor de overdrachtsbelasting verhoogd van 8% naar 10,4%. Dit tarief geldt niet voor kopers die een eigen woning kopen om er daadwerkelijk in te gaan wonen. Daar blijft het tarief 2% of is onder voorwaarden zelfs een vrijstelling van toepassing (startersvrijstelling).

Ben je bezig om bijvoorbeeld een beleggingspand of vakantiewoning te kopen en lukt het nog om in 2022 naar de notaris te gaan om de akte van levering te laten passeren, dan bespaart dat jou dus een bedrag aan overdrachtsbelasting. Lukt dat niet meer, maar wil je wel nog gebruik maken van het lagere tarief? Realiseer dan dit jaar nog de overdracht van de economische eigendom van de onroerende zaak in plaats van de volle eigendom (zowel juridische als economische eigendom). De overdracht van de economische eigendom kan in een onderhandse akte worden overeengekomen en hiervoor hoef je niet naar de notaris te gaan. Laat je hierbij goed adviseren over de praktische gevolgen en zorg voor een goede bewijspositie. Het is wel aan te raden om kort na de jaarwisseling ook de juridische eigendom over te laten dragen bij de notaris. Let wel op dat bij een tussentijdse waardevermeerdering van de onroerende zaak alsnog 10,4% overdrachtsbelasting over de waardevermeerdering is verschuldigd.

  • Bekijk ook de eindejaarstips voor alle belastingplichtigen, de bv en de dga, werkgevers, automobilisten, woningeigenaren en de tips rondom de huidige (energie)crisis in het document Eindejaarstips 2022